IPMS Gent modelbouwclub

Citroën traction avant 11 Cv.

Franois Cnudde

MerkACE
ModelCitroën traction avant 11Cv.
Schaal1/72
Documentatie


Steelmasters n° 73, blz 42 – 43.
Steelmasters n° 95, blz 52 – 57.
Modelbouw Magazine n° 14, blz 46 – 51.
Modelbouw Magazine n° 29, blz 20 – 27.
- Losse documentatie op internet
- Osprey, Luftwaffe air- and groundcrew, 1939-1945

Techniek
Motor: 4-takt kopklepmotor in lijn.


Koeling: Watergekoeld
Compressie: 6,5/1.
Boring en slag: 78 x 100 mm.
Cilinderinhoud: 1911 cm³.
Vermogen: 56 Pk bij 3800tr/min.
Maximaal koppel: 122 Nm bij 2000 tr/min
Carburator: Solex valstroomcarburator.
Elektrisch systeem, oplader: 6 Volt gelijkstroominstallatie
Ontsteking: bougies
Gewicht: 1050 kg.
Snelheid: 120 km/h.
Bepantsering: Geen.
Bewapening: Geen.
Bemanning: Tot maximum 5 personen

Korte geschiedenis van het model:

De Citroën Traction Avant was een zeer innovatieve auto die vanaf 1934 door Citroën werd geproduceerd naar een ontwerp van André Lefèbvre. Het was de eerste in serie geproduceerde auto met voorwielaandrijving (Traction Avant), waardoor er weinig passagiersruimte verloren gaat aan een middentunnel in de bodemplaat, en een zelfdragende carrosserie, waar geen apart chassis onder gemonteerd is en is het een van de eerste in Europa in serie geproduceerde auto’s met kopklepmotor. De motoren waren dus voorzien van kopkleppen, voor die tijd zeer vooruitstrevend, en hadden natte, verwisselbare cilinderbussen. De auto was beschikbaar in varianten van 7 CV (32 en 36 pk), 11 CV (46, 56 en 60 pk) en 15 CV (77 pk). De auto introduceerde ook een geheel gelaste monocoque-constructie, onafhankelijk opgehangen voorwielen en vering d.m.v. torsiestaven. Verder bezat de Traction Avant hydraulische remmen (Lockheed systeem) en vanaf 1936 tandheugelbesturing. Al deze noviteiten zouden in de jaren daarna door de meeste autoconstructeurs worden overgenomen. Alle vooroorlogse viercilinder Tractions hadden twee ventilatieklepjes aan weerszijden van de motorkap. Tot in de loop van 1936 waren alle Tractions voorzien van een instrumentenpaneel dat midden in het dashboard was gemonteerd. Deze auto's hadden dan ook twee handschoenenkastjes. Vanaf het modeljaar 1937 verhuisde het instrumentenpaneel naar een meer gebruikelijke plaats, onder het stuurwiel. De uitvoering en de kleur van het paneel zijn afwisselend zwart, crème wit en grijs geweest.

Bouw van het model:

De bouw betreft een eenvoudige constructie die we uiteraard waar mogelijk gaan verfijnen. Aftermarket-sets zijn me niet gekend, vandaar dat we gaan teruggrijpen naar wat scratch voor het verfijnen van het model. Beginnen doen we met de bodemplaat die we vooreerst gaan opschuren en polijsten, met verschillende schuursticks, daar waar de carrosserie bloot ligt, zodat het model glad is voor de beschildering. Aan de onderzijde van het model dienen we de uitlaat achteraan uit te boren voor een realistisch effect. De assen worden volgens plan aangebracht. Enkel aan de vooras worden enkele scratch onderdelen toegevoegd in de vorm van de ophangingdriehoek boven de as, de onderste draagarmen en de stuurstang. Aan de binnenkant van het wiel wordt een beschermingsplaatje gemaakt d.m.v het gebruik van de punch & die set. Hierbij wordt eveneens gezorgd dat de wielen wat schuin staan voor meer dynamiek. Nadat deze bewerkingen zijn verricht, kunnen we beginnen met het interieur. De zetels worden opgeschuurd waarbij we zorgen dat de metalen steunen bovenop de zetels zeer fijn worden opgeschuurd. De achterste zetel dienen we wat bij te passen zodat hij perfect past tussen de achterste wielkassen. Nadien kunnen we starten met de binnenzijden van de deuren. Daar het geheel vlak is zonder enig detail, dienen we hier te scratchen zodat het wat zichtbaarder wordt. We dienen de deuren in te snijden en te voorzien van detail zoals een sierlijst op de voordeuren en de deuropeners en draaihendels voor de ramen. Hierbij gebruiken we enkele stukjes vanuit de punch & die set, die voorzien worden van dunne koperdraad die de hendels voorstellen. Eén deur wordt volledig uitgesneden die later zal open gesteld worden. De beide zijkanten worden vervolgens voorzien van koperen pinnen die passen in het dak van het voertuig om een mooie passing te verkrijgen. Nadien volgt een rondje opschuren voor een perfecte passing. Bij het verlijmen van de beide zijkanten aan het dak, lijmen we de voorkant van de neussectie nog niet daar er binnenin een tussenschot moet komen tussen het motorcompartiment en het interieur. Dit wordt vervaardigd uit plasitc-card volgens onze documentatie. Het dashboard zelf krijg nog wat extra detail in de vorm van de versnellingspook en zijn behuizing. Eenmaal het tussenschot vervaardigt zit in de neussectie, kunnen we het dashboard passen en de voorziening treffen om de stuurstang af te tekenen waar zij in het tussenschot verdwijnt. Lijmen doen we nog niet omdat we dit achteraf willen doen na het detailschilderen. Eveneens wordt een binnenspiegel gemaakt uit restjes PE. Na het vernissen brengen we een klein stukje aluminiumpapier aan waarbij de blinkende kant naar buiten toe gericht wordt om alzo de spiegel te verkrijgen. Na de volledige beschildering aan de binnenzijde en het vernissen kunnen we denken aan het uitsnijden/opschuren van de ruiten in het voertuig. Hiervoor gebruiken we zeer doorzicht blisterverpakking die we na het fijnpassen, inlijmen met klir. Vervolgens nemen we de volledige neus onder handen maw deze schuren we fijn aan de binnenkanten daar de grille van de koeling perfect moet passen. Eveneens worden kleine onderdelen zoals de nummerplaten zeer fijn geschuurd en op hun plaats gelijmd. De voorlichten worden vervolgens uitgeboord om nadien voorzien te worden van en stukje plasitc-card met een fijne lijn erin om de verduisteringsmaatregeling na te bootsen. Nadat de neussectie is opgeschuurd brengen we wat extra detail aan in de vorm van een klepje vooraan de voorruit als ook een middenstukje over de lengte van de motorkap die de bevestiging is van de beide motorluiken. Hiervoor gebruiken we uitgeroken sprue. De wielen zelf zijn afgegoten wielen van een resin model van Extra-Tech, die een collega modelbouwer in zijn reservekast had liggen. Daar de wielen van de doos op niks trekken, besluiten we om een afgietsel te maken van deze wielen die toch voorzien zijn van langsgroeven in de banden. Enkel wat opkuisen en we kunnen ze gebruiken. Nadat het model is geschilderd kunnen we enkele ruitenwissers aanbrengen. Dit wordt gemaakt uit kleine stukjes Evergreen.

Beschildering van de modellen:

Voordat we beginnen met de beschildering van het model, wordt deze eerst en vooral afgewassen in een zeepsopje om alle restjes van het schuren te verwijderen en om meteen een basis ontvetting te verkrijgen. Na droging ontvetten we nog eens extra met aceton (eerst proberen op een stukje sprue of de plastiek niet oplost!!). Daarna kunnen we starten met een grondlaag van Vallejo primer, sterk verdund om zo geen details te verliezen. Nadat de primer is gedroogd brengen we eerst een voorschaduw aan met Vallejo 950, black, waarbij we de onderdelen die zwart moeten zijn uiteraard meespuiten (bodemplaat, dashboard,..). De uitlaat wordt vervolgens geschilderd met Vallejo 982, cavalry brown, als basiskleur om nadien pigmenten op aan te brengen. Nadat het volledige voertuig is geschilderd en klaar staat om een laagje aarde/modder/stof te ontvangen gaan we eerst en vooral de uitlaat voorzien van de nodige roestpigmenten. Hiervoor gebruiken we P230, old rust, P025, standard rust en P024, light rust pigmenten, allen van MIG. Deze tamponneren we op de uitlaat zodat er een korrelig effect ontstaat die je op uitlaten kan zien. Het mengsel wordt verkregen door te mengen met een weinig white spirit. Daarna nogmaals verzegelen met pigment fixer van MIG. Nadat het model is vernist, brengen we nog enkel wat P023, black smoke, aan op het uiteinde van uitlaat. De carterpan wordt geschilderd met Vallejo 962, flat blue. Om wat oliesporen aan te brengen gebruiken we MIG’s oil and grease stain mixture.

Daarna kunnen we overgaan tot het schilderen van de binnenbekleding. Daarvoor gebruiken we Vallejo 912, tan yellow als basis. Oplichten gebeurt met Vallejo 837, sand light, op selectieve plaatsen en zeer sterk verdund met de platte en ronde borstel. Fijn oplichten gebeurt met zuivere Vallejo 837. Na droging kunnen we nadien een fijne filter leggen over de binnenbekleding met SIN Industries P241, brown, voor de donkerdere plaatsen en P242, tan, voor de opgelichte plaatsen. Details zoals de deurklinken en handels schilderen we met Vallejo 865, oily steel. De knoppen aan de hendels schilderen we met Vallejo 950, black. Het dashboard werd gespoten met vallejo 950, black, om nadien te worden gedrybrusht met Vallejo 995, german grey, zodat de details goed uitkomen. Nadien worden de details verder bewerk met Vallejo 992, neutral grey voor de knoppen, en met Vallejo 865, oily steel voor de versnellingspook en stuurhendel. Een kleine decal uit de spare box brengt het dashboard tot leven. Schaduwen doen we met sepia olieverf. Na het vernissen brengen we een druppel blinkende vernis aan op het instrumentenpaneel om het glas voor te stellen. Met MIG pigmenten PO35, panzer grey fading, brengen we wat veroudering aan op het dashboard. Vastzetten doen we met aanstekerbenzine. De vloermat schilderen we met Vallejo 876, brown sand, om zo wat contrast te verkrijgen in de binnenbekleding. Vuil brengen we aan door middel van brown wash van MIG Productions, die we nadien met een propere bevochtigde borstel weer verwijderen, maar in de hoeken wat meer laten zitten. Nadien wordt de binnenkant volledig ingelijnd met sepia olieverf. Na het inlijnen vernissen we het geheel met mat vernis, zodat de binnenkant kan afgesloten worden door het monteren van de carrosserie, doch nadat we eerst en vooral een klein item in de vorm van een krant en kaart op de achterbank hebben gelegd.

Na droging spuiten we eerst de buitenste basislaag, in dit voorbeeld Vallejo 995, panzergrey, en wel zo dat de voorschaduw mooi door deze laag schijnt. Oplichten doen we door de basislaag, Vallejo 995 op te lichten met Vallejo 837, sand light, en heel lichtjes op de middenvlakken. Let wel op dat er gespoten wordt met zeer lage druk, anders wordt het vlug teveel. Op de wielen wordt enkel de bovenste deksels opgelicht. Nadien kunnen we op selectieve plaatsen een filter aanbrengen met The Filter – SIN Industries, P240, blue, zodat het lijkt dat deze plaatsen verbleekt werden door de zon. Nadien kunnen we het model volledig inlijnen met MIG Productions dark wash, verdund met thinner. De banden van de wielen schilderen we met Vallejo – Panzer Aces, 306, dark rubber. Het bandoppervlak en de zijkanten ervan drybrushen we met Vallejo 992, neutral grey. Nadien wordt het loopvlak nogmaals gedrybrusht met Vallejo 819, iraqui sand, dit voor een stoffig uitzicht. Om het nog iets meer stoffig te maken gebruiken we pigmentpoeders P026, concrete. Om enkele kleine beschadigingen aan de verf aan te brengen gebruiken we Vallejo 991, dark sea grey om verf afschilfering te bekomen. Het voertuig zelf wordt niet teveel gechipt omdat het een commandovoertuig betreft die deftig wordt onderhouden. Enkel aan de bumpers en de deurdrempels worden voorzien van wat afschilfering. Daarna brengen in de aangebrachte chips enkele kleinere chips met Vallejo 941, burnt umber. Enkel op zeer geselecteerde plaatsen brengen we heel lichtjes wat light rust effects aan in de vorm van een wash van MIG. Als het geheel goed gedroogd is kunnen we overgaan tot afplakken van de ramen om nadien een stoflaagje (eerder een mistlaagje) te spuiten met Vallejo 819, iraqui sand. Aan de onderzijde van spatborden werd voordat het voertuig gespoten werd, met verdunde putty van Vallejo, de basis gelegd voor de aarde en vuiligheid. Dit wordt nadien gespoten met Vallejo 983, flat earth en opgelicht met Vallejo 876, brown sand. Heel lichtjes wordt eveneens gedrybrusht met Vallejo 819, iraqui sand. Nadat het model is vernist brengen we wat pigmentpoeders aan. Daarvoor gebruiken we P028, europe dust en P232, dry mud. Verzegelen doen we met pigment fixer.

Nadien kunnen we overgaan tot het schilderen van enkele details die uiteraard ook als basiskleur behoren. We denken hierbij aan de binnenkanten van de lichten vooraan en achteraan die we een zilverlaagje geven met Vallejo 997, silver. Veel zal er niet meer van gezien worden, maar weten dat het er zit heeft een voldoening. Na droging wordt een laagje vernis op deze lagen gezet ter bescherming. Daarna schilderen we een klein strookje blister (glas voor de achterlichten) met Vallejo 957, flat red. Daarna kloppen wij dit uit met een punch & die, die daarna ingelijmd wordt met zuivere klir. Enkel nog wat sporen van brandstof brengen we aan ter hoogte van de vuldop, dit met behulp van MIG’s oils and grease stain mixture. Ruitenwissers schilderen we met Vallejo 950, black, die we nadien oplichten door te drybrushen met Vallejo 995, panzer grey.

Figurines:

In het voertuig zelf wordt 1 figuurtje geplaatst, zijnde de chauffeur die wacht op zijn overste die gaat kijken naar het onderhoud van zijn vliegtuig. Daarvan wijken we af van ons normaal stramien omdat we ander nooit een figuur plaatsen in een voertuig/toestel om alzo de mooie details van het interieur niet te verstoren, doch het verhaal op het diorama brengt daar nu verandering in. Het figuurtje zelf komt uit de sparebox en betreft een basisfiguurtje die wat moet bijgewerkt worden. De bijwerking bestaat uit het veranderen van de houding van de benen en amen om het geloofwaardig te maken. Het figuurtje opvullen doen we met de hulp van liquid green stuff, iets dat gebruikt wordt in de figurine modelbouw. Nadat het figuurtje was geschoond met ontvetter, brengen we een laagje grondverf aan. Na droging beginnen we de basiskleur van de huid te schilderen met Vallejo 876, brown sand. De huid wordt opgelicht door verschillende mengsels (lees washes) te maken met Vallejo 815, basic skin tone. Schaduwen doen we op dezelfde manier maar met Vallejo 814, cadmium umber red, dit voor de eerste twee lagen, daarna met Vallejo 859, cadmium maroon en Vallejo 822, camouflage brown black. Het haar zelf wordt geschilderd als basiskleur met Vallejo 983, flat earth. Oplichten zal gebeuren met Vallejo 837, sand light, en schaduwen doen we met Vallejo 822, camou brown black. Het uniform wordt geschilderd volgens documentatie van Osprey. De broek wordt geschilderd met Vallejo 816, luftwaffe uniform. Oplichten doen we met Vallejo 900, french mirage blue (voor de eerste oplichting), voor de tweede oplichting gebruiken we Vallejo 900 vermengd met Vallejo 837, sand light. Schaduwen doen we met Vallejo 822, camou black brown. De vest wordt geschilderd met Vallejo 943, grey blue, opgelicht met Vallejo 837, sand light, dit tot op niveau 2, daarna schaduwen we met Vallejo 822, camou black brown. Schoenen en de gordel worden geschilderd met een mengsel van Vallejo 950, black, en Vallejo 871, leather brown (1/1). Oplichten doen we met Vallejo 871 en daarna Vallejo 876, brown sand. Schaduwen doen we met Vallejo 950, black. Enkel op de schoenen brengen we nog wat stof aan in de vorm van een lichte wash met Vallejo 819, iraqui sand. Nadien vernissen we het figuurtje dat vervolgens wordt bevestigd in het voertuig met secondenlijm.

Bouw van het diorama:

Dit voertuig maakt deel uit van het geheel van het diorama met de Focke Wulf 190A8 en zal daar verder uitgewerkt worden.

 

Agenda

Update Events - Update artikels