IPMS Gent modelbouwclub

Snellboote S-100 type

François Cnudde

Korte geschiedenis van het model:

Als gevolg van het Verdrag van Versailles was de Duitse militaire productie ernstig beknot. Kleine patrouilleboten waren echter niet onderworpen aan enige aan- of opmerking. S-boten stammen af van de motorjacht — een 22-ton-verplaatsing, 34-knoop genaamd Oheka II, dat was gebouwd door de Duitse scheepsbouwer Lürssen in 1927 voor een rijke financier en beschermheer van de Kunsten, Otto Kahn. Dit ontwerp werd gekozen omdat het gebied van de activiteiten van dergelijke boten de Noordzee, het Kanaal en de Westelijke wateren, moest worden. De vereiste voor goede prestaties in ruwe zee, maakt het gebruik van een rondbodem romp in plaats van de platbodem. Lürssen overwon veel van de nadelen van een dergelijke romp, geproduceerd met de Oheka II. Dit trok de belangstelling van de Duitse Marine, die in 1929 een soortgelijke boot besteld had maar uitgerust met twee torpedobuizen. Dit werd de S-1, en was de basis voor alle latere S-boten. Na het experimenteren met de S-1, maakten de Duitsers verschillende verbeteringen aan het ontwerp. De S-boot was een zeer snel vaartuig, met snelheden van 40 of 50 knopen, en de houten romp betekende dat het magnetische mijnenvelden ongedeerd kon oversteken. Het was beter geschikt voor de open zee en had een aanzienlijk groter bereik (ongeveer 700 mijl) dan de Amerikaanse PT boot en de Britse Motortorpedoboot (MTB). S-boten werden vaak gebruikt om te patrouilleren in de Baltische zee en Het Kanaal om te onderscheppen. Ze werden ook overgedragen in kleine aantallen aan de Middellandse Zee en de Zwarte Zee. Sommige kleine S-boten werden gebouwd als boten voor de uitvoering van ondersteunende kruisers. De bemanning kon een bijzondere onderscheiding verdienen — Das Schnellbootkriegsabzeichen — aangeduid met een beeltenis van een S-boot door een krans badge. De criteria waren goed gedrag, onderscheiding in actie, en ten minste aan twaalf vijandelijke acties deelnemen. Het werd ook bekroond voor een bijzonder succesvolle missie, aantonen van leiderschap of gedood worden in actie. Het kan worden verleend onder speciale omstandigheden, zoals wanneer een andere decoratie niet geschikt was.

Bouw van het model:

De bouw begint met de opbouw van de observatieruimte – stuurhut / radiohut. Hierbij snijden we de deuren uit naar de stuurhut en radiohut welke zullen openstaan. De stuurhut en de radiohut worden uitgewerkt met plasticcard en overschotjes van PE en koperstukjes. Een stuurwiel wordt gemaakt van plasticcard. Een instrumentenpaneel wordt gemaakt met een stukje plasticcard met enkele decals die op een stukje aluminiumfolie wordt geplaatst. De observatieruimte wordt vervolgens verfijnd met PE. Waar nodig worden koperdraadjes aangebracht, en dit volgens ons voorhanden zijnde documentatie op de afstandmeter. Eveneens wordt een spraakbuis gemaakt met koperdraad, met daarrond gedraaid heel fijne koperdraad die alzo het uitzicht heeft van een flexibel. Er wordt gezorgd dat alles droog perfect past om later geen nare toestanden tegen te komen bij het verlijmen van de stukken. Bij de uitbouw van de pantserkoepel dienen we vervolgens enkele pantserplaten aan te brengen met daarin een raam. Die worden zorgvuldig uitgesneden en schuin afgevlijd zodat de PE erin valt zonder veel verval. Nadien worden de grootste ‘spleten’ opgevuld met secondelijm. Nadien wordt nogmaals een opvulling gemaakt met vloeibaar gemaakte Vallejoputty om nadien vlak te schuren. Na droging van de verf en de verwering aan de binnenkanten kunnen we beginnen met het samenvoegen van de subonderdelen tot een geheel. Voordat beide delen worden gelijmd aan elkaar wordt het figuurtje gelijmd in de stuurkajuit. De gepantserde koepel wordt vervolgens voorzien van resin rivettenkoppen van het merk Archer. Dit zijn decals met reliëf die je gewoon aanbrengt als decals. Nadien worden wat fijnere details aangebracht met koperdraad en wat plasticcard.

Eveneens wordt de romp volledig gelijmd en droog op zijn steun geplaatst om een deftige werkruimte te creëren voor de opbouw van de boot. Het verlijmen van de romp gebeurt met het bovendek in droogpassing zodat de romp de juiste houding kan aannemen bij het drogen. Het achterdek wordt vervolgens gemonteerd in de romp van het schip. Bij het achterdek dienen enkele onderdelen van Revell zelf verwijderd te worden omdat deze niet op de referentiefoto’s staan (1 paar ‘nebelkannen’ ipv 2 paar – verwijdering van enkele uitsteeksels van het achterdek). Eveneens worden de torpedosteunen verwijderd, en worden de voetsteuntjes van de railing verwijderd om nadien PE exemplaren te plaatsen. De gaatjes in de voetsteuntjes worden doorboort met een boortje van 0,9mm. Aan de binnenzijden van de bepantsering wordt eveneens detail aangebracht in de vorm van enkele verstevigingsteunen alsook enkele details zoals kranen en wat elektrische contactdozen. Dit werd vorm gegeven met plasticcard en wat PE. Voordat deze details kunnen geplaatst worden dient men eerst en vooral de verdikking aan de beide binnenkanten weg te schuren/vijlen en terug op te blinken zodat het plastiek terug zijn gladde oppervlak heeft. Eveneens wordt aan de voorkant van het schip wat extra detail aangebracht door het plaatsen van rivetten. Deze rivetten zijn decals van het merk Archer en laten zich zeer goed bewerken. Het opbrengen van deze decals gebeurt zoals een gewone decal met de gewone producten micro sol en set. Het plaatsen van deze decals gebeurt via de ons voorhanden zijnde documentatie. Nadien worden de decals beschermt met een tweetal lagen klir die goed moet uitdrogen. De positielichten van het schip, zijn in de kit enkele kleine blokjes plastiek die echter niets voorstellen. Deze blokjes worden door ons uitgehold waarbij er vervolgens een doorzicht stukje sprue wordt gebruikt om het lampglas voor te stellen. Alles wordt geschuurd en passend gemaakt. Lijmen doen we na beschildering met verdunde houtlijm. De torpedobehuizing dient aangepast te worden daar de details te grof zijn. Deze worden bijgeschuurd of verwijderd en daarna voorzien van extra details in de vorm van PE en plasticcard/koperdraad. Eveneens dient de persluchtcilinder herplaatst te worden daar het geheel niet past wanneer men monteert volgens het plan van Revell. Om het voordek te kunnen plaatsen dienen we eerst en vooral de behuizing van het boegkanon te monteren en te schilderen. In die behuizing plaatsen we enkele PE onderdelen en wat scrath zodat er toch wat mooie details zijn om te bekijken. Nadien wordt dit eerst geschilderd en verweerd voordat dit onderdeel kan gemonteerd worden. Aan de binnenzijde van het voorste dek, plakken we de opening af alwaar de behuizing zit voor het boegkanon, dit om het geschilderde behuizing te beschermen tegen latere verfbehandelingen. Daarna wordt de kanonbehuizing gelijmd aan het voorste dek.

Eerst en vooral dienen we de plastieken handvatten en scharnieren van de luiken op beide dekken te verwijderen en de oppervlakken glad te schuren. Nadien worden de details van PE aangebracht aan alle luiken. Eveneens worden de grondplaatjes van de railingen vervangen door PE exemplaren. Ter hoogte van de behuizing van het boegkanon dienen we extra detail aan te brengen in de opening van het boegkanon, in de vorm van PE. Het betreft een metalen cirkelvormig stukje alwaar het boegkanon op gaat rusten, dit tevens voorzien van wat detail van een steunkussen. Deze PE wordt gesoldeerd voor de stevigheid. De diameter van dit cirkelvormig stuk is juist gepast om in het gat van het boegkanon te gaan, vastzetten doen we met een weinig cyano-lijm. Eveneens aan de binnenkant van dit stukje komt een kleine ring te zitten van Evergreen die de geleidingsrail van het boegkanon voorstelt. De steunbeugel rond het boegkanon komt uit de kit zelf maar wordt wel wat fijner geschuurd en voorzien van een PE plaatje aan de voorkant om overstromend water tegen te gaan. Let hierbij op dat het PE stukje goed zit, waarbij de ‘boutdetails’ aan de buitenkant en aan de bovenzijde zitten van de beugel. De reservehouders voor de munitie bestaan uit enkele PE stukjes die we volgens onze documentatie rondom het boegkanon plaatsen. Op de boeg zelf komen vervolgens de onderdelen voorzien in de kit, uiteraard dienen deze ontdaan te worden van hun gietnaden. Verder wordt de beschermkap van het boegkanon verfijnd en opgeschuurd. Het originele kitonderdeel is hierbij veel te grof uitgevoerd. Er worden enkele steuntjes geplaatst waarop dit onderdeel moet komen, eveneens voorzien van sluitbeugels, volgens documentatie. De sluitbeugels worden gemaakt uit evergreen en overschotjes van PE en koperdraad. Evens word een houder voorzien voor een reserveloop van het 20 mm boegkanon. Dit wordt geplaatst naast het luik op de boeg.

Op het achterdek wordt de bescherming van het achterste luik vervangen door PE, voorzien van een achterlicht met de noodzakelijke leiding met kabels. Aan het achterdek wordt eveneens een voetsteun voorzien uit Evergreen strips. Aan de achterkant van het schip dient men het originele kitonderdeel te hermaken. Enkel de lamp kan weerhouden worden om te gebruiken. Dit wordt vervolgens uitgeboord en aan de achterkant voorzien van een kabel. Eveneens wordt een beugel gemaakt met een overschotje van PE. De railsteun zelf in het midden wordt hermaakt met evergreen en voorzien van gaatjes gemaakt via een malletje. Eveneens de andere railsteunen zullen hermaakt worden wegens te grof uitgevoerd.

De motorgondels worden eveneens voorzien van extra detail in de vorm van PE die rond de bovenste lichtgaten dienen te zitten. Volgens foto’s lijkt het erop dat dit lichtglazen die daglicht doorlaten naar de machinekamer. Tevens wordt een afboording voorzien rond deze gondels van Evergreen strips. Aan de achterkant van deze gondels komt een detail uit PE die een beugel voorstelt aan een soort van luik. Na het beschilderen van de motorgondels wordt met een punch & die set de beglazing gemaakt uit doorzichtig verpakkingsplastiek. Het kompas tussen de voorste motorgondels wordt extra gedetailleerd met wat koperdraad voor de handvatten, enkele koperstrips voor scharnieren aan een schakelkast aan de zijkant en voorzien van een nieuw deksel met kompasdraad voorzien. Het deksel wordt in een open stand geplaatst zodat later het detail met de decal zal gezien worden. Eveneens wordt het deksel voorzien van een scharnier gemaakt uit enkele kleine stukjes Evergreen met wat koperdraad. Na beschildering wordt op de decal een fijne laag cristal clear gelegd die de beglazing voorstelt. De torpedohouders worden eveneens voorzien van extra detail met PE. De voetsteunen worden volledig vervaardigd uit een viertal stukjes PE alwaar de rail in ligt. Op deze rail dienen de torpedo’s bevestigd te worden. De dekkisten worden eveneens voorzien van extra detail in de vorm van PE, waaronder terug vernieuwde scharnieren en sloten. Luchtinlaten worden voorzien van een grille van PE, waarbij de grootste ‘luchthappers’ aan de kajuit nog een extra beugel aan de achterzijde krijgen. Hiervoor gebruiken we koperdraad. Uiteraard worden de luchthappers eerst en vooral uitgeboord voor meer realisme. De reddingvlotten worden eveneens bijgewerkt. Origineel uit de kit zijn aan de zijkanten van de vlotten enkele blokjes voorzien die echter worden verwijderd. In de plaats daarvan komen enkele ‘opgerolde’ PE stukjes die de ringen voor het zijtouw voorstellen, deze stukjes komen uit de PE sparebox. Er wordt vervolgens een touw rond het vlot aangebracht die door de ringen wordt gevlochten. De mistgeneratoren worden eveneens wat onderhanden genomen. Hierbij worden de kleppen aan de bovenkant op de mistpotten wat bijgewerkt met stukjes plasticcard en wat koperdraad. Handvatten worden eveneens uit onze koperdraad vervaardigd daar deze fijner zijn.

Het boegkanon zelf wordt vervaardigd met enkele originele stukjes uit de kit en enkel het vizier van de PE set Voyager wordt gebruikt, zelfs dit na aanpassing ervan. De volledige aanpassing van het richtingsmechanisme wordt gescratcht daar zowel de kit als de update set volledig verkaard zijn. Eveneens worden extra steunen aan de zijkant van het wapen aangebracht voor de montage in het voordek. Voor de bewapening op het middendek dienen we extra detail aan te brengen met de PE set van Voyager. Echter is het kogelschild iets verkeerd uitgevoerd daar het kanon nooit kan kantelen indien gewoon gemonteerd. Hierbij dienen we een klein stukje uit het kogelschild te halen en nadien af te werken met diamantvijltjes en schuurpapier voor een glad oppervlak. Er wordt een stukje koperdraad op het scharnierpunt ingebracht zodat deze diep ingrijpt op de steunvoet. Het opgegoten steunpunt voor dit kanon wordt op de boot wat bijgeschuurd zodat het PE voetsteuntje er mooi overpast zonder wringen. De bewapening op het achterdek is een 37 mm Flak 37 kanon. Hierbij gebruiken we de kitonderdelen met een update van PE van Eduard, met de metalen loop van Griffon Models. Uiteraard bij het raadplegen van onze documentatie stellen we vast dat de aftermarket niet klopt waardoor er scratch moet bijgebouwd worden met plasticcard en overschotjes van PE. Enkel de richtorganen worden gescratcht en de onderste steunring rond de voet van het kanon worden bijgemaakt. Op de ring onderaan worden tevens kleine boutjes toegevoegd waardoor het lijkt alsof het kanon vastgezet is op het achterdek. Eveneens wordt het draaimechanisme vervaardigd om het kanon rond zijn as te kunnen laten draaien, hiervoor gebruiken we kleine stukjes plasticcard en wat koperdraad. Munitie voor de 37 mm is niet voorzien in de kit, dus dienen we onze sparebox aan te spreken. Aldaar vinden we 37 mm munitie op een rechte lader terwijl we een gebogen lader nodig hebben. We snijden enkele patronen uit de rechte lader en vervolgens lijmen we op een stukje gebogen plasticcard de patronen afzonderlijk op. Patronen worden tevens fijner geschuurd. De vlag is een decal die op een fijn stukje alu-folie wordt bevestigd. Daarna wordt dit verzegeld met klir. De vlag bevestigen doen we met een stukje fijne visdraad rond de voorziene delen van de vlaggenstok. Verder wordt een soort van vaargeulmarkeerder gemaakt met een oude diode die we eerst en vooral wat fijner schuren en de bedrading wat verminderen. Met dunne putty van Milliput maken we een kleine markeervlag aan de top van de boei. Emmers worden vervaardigd uit PE en bestaat uit een drietal stukjes. We gebruiken hierbij de conische en rechte emmer om wat variatie te brengen. De railing zelf wordt gemaakt van lasergesneden plastiek stukjes van Vector Cut uit de USA. Enkel de horizontale ‘buizen’ van de railing worden vervaardigd van koperdraad die door deze platstiekstukjes worden gemonteerd. Aan de uiteinden en de toegangen van het schip, aan de railing van het schip, worden enkele kettingen gemonteerd met wat koperdraadhaken ter bevestiging.

Beschildering van het model:

Nadat de observatietoren met de bijhorende kajuiten is opgebouwd kunnen we beginnen met het interieur van deze te schilderen. Eerst en vooral brengen we een goede grondlaag aan met Vallejo grondverf. Nadien kunnen we inkleuren met Vallejo 994, dark grey. De eerste maal oplichten doen we met een mengsel van Vallejo 994, dark grey met Vallejo 815, basic skin tone. Bij alle lagen worden enkele druppels Vallejo 510, gloss varnish gevoegd om de lagen goed uit te harden. De tweede oplichtinglaag verkrijgen door zeer verdunde Vallejo 991, dark sea grey, te spuiten, eerder in de middenvlakken en op de bovenste delen van de kajuiten. Na droging wordt een algemene vuile wash (lees filter) van raw umber olieverf aangebracht. Microchips aanbrengen doen we met Vallejo 989, sky grey, en dit op plaatsen die gefrequenteerd worden door de bemanning. Op enkele plaatsen kunnen we eveneens wat roestaanslag aanbrengen met Vallejo 822, black Brown. De houten onderdelen krijgen verschillende basiskleuren om eentonigheid te voorkomen. Het stuurwiel schilderen we met Vallejo 948, golden yellow, de houten beplanking in de observatiekajuit schilderen we met Vallejo 821, german beige. Na droging krijgen beide onderdelen een laag raw umber olieverf die, na wat droogtijd, terug wordt afgewreven totdat het resultaat voldoende is voor de gewenste houtstructuur. Een fijne wash met dark wash van MIG in de nerven volgt. Nadien worden beiden opgelicht om een meer versleten uitzicht te bekomen. Voor het stuurwiel gebruiken we het mengsel van Vallejo 948, golden yellow met Vallejo 918, ivory (3/1). Voor de beplanking in de observatieruimte gebruiken we het mengsel van Vallejo 821, german beige met Vallejo 819, iraqui sand (1/1). Deze lichten we nadien nogmaals op met enkel Vallejo 819.

De radio’s in de beide kajuiten schilderen we met Vallejo 870, medium sea grey, waarbij de meters een laagje Vallejo 950, black krijgen. Eveneens worden de hendels van de motorsturing geschilderd met Vallejo 950, black, met de knoppen Vallejo 953, flat yellow. Enkele technische decals maken het geheel af in de stuurkajuit. Een kleine drybrushing op de medium sea grey kleur gebeurt met Vallejo 993, white grey. Het uurwerk en het kompas krijgen een koperen omhulsel van Vallejo 999, copper. Het uurwerk zelf krijgt nog een witte wijzerplaat van Vallejo 951, white. De beide zetels, één in de radiohut en één in de observatieruimte krijgen een mat zwarte ondergrond van Vallejo 950, black. Daarna een highlight van Vallejo 941, burnt umber. Enkele onderdelen zoals de afstandmeter, de spraakbuis en details van andere onderdelen worden geschilderd met Vallejo 950, black. Daarna worden deze opgelicht door te drybrushen met Vallejo 995, panzergrey. Bekabeling schilderen we met de volgende kleuren, Vallejo 957, flat red, Vallejo 984, flat Brown en Vallejo 953, flat yellow. Klemmen van de voedingsbuizen schilderen we met Vallejo 865, oily steel. Nadat alles in de klir gezet is en gedroogd is, kunnen we beginnen met de lichte roestwashes aan te brengen binnen de observatieruimte. Enkel deze ruimte wordt bewerkt omdat het opspattend zeewater enkel daar alleen kan komen. Zout zeewater tast redelijk vlug metalen aan, vandaar enkel deze roestwashes. Hiervoor gebruiken we de light rust effects van MIG, die we daarna lichtjes terug inwerken met thinner for washes van MIG. Nadien kunnen de meteronderdelen gelijmd worden. Na droging kan dit vernist worden en samengevoegd. De meters en glazen van de afstandsmeter krijgen een drupje kristal klear die het glas moet voorstellen. Met een karisma potlood brengen we metaalglans aan daar waar de onderdelen het meeste gebruikt worden.

De behuizing van het boegkanon wordt vervolgens in de grondverf gezet. Nadien volgt het schilderen van het interieurkleur en de houten vloer zoals hierboven beschreven. Enkel het steungat voor de boegkanon wordt voorzien van wat metaalglans met een grafietpotlood. Rond het geschutsgat wordt de geleidingsrail van het boegkanon eveneens geschilderd met Vallejo 950, black, die nadien wordt gedrybrusht met Hum 53, gun metal. De rugsteun krijgt als basiskleur Vallejo 950, black, die nadien gedrybrusht wordt met olieverf burnt umber. Nadien wordt dezelfde olieverf gebruikt gemengd met een beetje gele olieverf, pemanent yellow, om wat meer variatie in het leder te krijgen. Dit wordt vervolgens erop gedrybrusht. Ook de reservemagazijnen voor de bewapening worden vervolgens geschilderd met Vallejo 950, black, als basis. Nadien worden deze lichtjes gedrybrusht met Hum 53, gun metal. Wat kleine roestvorming in de lege magazijnen bekomt men met MIG’s light rust effect.

Na het ontvetten van het schipmodel kunnen we beginnen met deze te bespuiten met een fijne grondlaag van Vallejo. Bij de grondverf mengen we wat druppels blinkende vernis voor de stevigheid van de grondverf. Na droging brengen we eerst en vooral de onderlaag aan met Vallejo 985, hull red, die enkel aan de zijkanten/onderkant wordt aangebracht daar de volledige romp toch in het diorama verzonken zit. Nadat dit gedroogd is brengen we een laagje klir aan om deze verf al te beschermen. Sterk verweren doen we met AK 304 Naval wash, Brown streaking grime for red hull. Het betreft aanbrengen om daarna met een propere borstel het terug af te wrijven zodat aflopers ontstaan. Nadien kunnen we overgaan tot het spuiten van de basiskleur van het schip. Hiervoor gebruiken we Vallejo 993, white grey die we vermengen met enkele druppels blinkende vernis voor de verharding. Bij het spuiten zorgen we ervoor dat de grijze grondlaag lichtjes door de basisverf heen komt zodat een pre-schaduw ontstaat. Na droging terug een fijn laagje klir om te beschermen. Normaal gezien komen dan de decals op het schip te staan, doch bij de originele decals uit de kit zat niet hetgeen wij willen gebruiken, namelijk deze van het 2e flottielje. In onze club hebben we deze laten maken op schaal, doch bij het aanbrengen ging de kleur af van de decals zodat deze niet meer bruikbaar waren, nochtans was het decalvel voorzien van een laagje vernis voor kleurbescherming. Hierbij besloten we maar om een sjabloon te maken met een post-it velletje, die het kaartsymbool voorstelde die wij willen gebruiken. Nadien spoten wij het symbool met Vallejo 957, flat red, gemengd met wat blinkende vernis van hetzelfde merk. Nadat het symbool was gedroogd kunnen we overgaan tot het washen van het basiskleur. Hiervoor gebruiken we AK 303 Naval wash, grey wash for kriegsmarine. Om het echter rechtstreeks te gebruiken uit het potje lijkt ons dat wat te sterk aanwezig. Daarom verdunnen we de wash met thinner met een verhouding 1 op 2. Hiermee brengen we al een licht vervuild oppervlak aan. Hierop kunnen we beginnen met schaduwen van het basiskleur. Hiervoor gebruiken we MIG’s warm white wash, die we uiteraard verdund aanbrengen om meer controle over het werk te hebben. Na de wash kunnen we de details beginnen op te lichten. Hiervoor gebruiken we pure Vallejo 951, white, om de klinknagels te accentueren, en daarna sterk verdund om de verdere details op te lichten. Nadien kunnen we overgaan tot het vervaardigen van vuilaflopers waarbij we de AK 305 Naval, streaking grime for light grey schips, gebruiken, die we puur aanbrengen met een puntige borstel. Na wat indrogen nemen we een andere propere borstel licht bevochtigd met white-spirit om deze in te wrijven zodat het mooie aflopers worden. Daarna kunnen we overgaan tot het aanbrengen van zoutresten en aflopers. Daarvoor gebruiken AK306, salt streaks fors ships, die we onverdund aanbrengen en nadien afwrijven met een propere borstel vochtig gemaakt met white-spirit. Dit wordt enkel aangebracht in de ‘loopbaan’ van de golfslag op de romp. Na droging van de wash kunnen we overgaan tot het chippen van bepaalde plaatsen op de romp die ingevreten worden door het zilte zeewater. Enkel de plaatstalen stukken worden hierbij onder handen genomen omdat de romp van het schip van hout is gemaakt. Hierin mag zeker niet overdreven worden daar het anders vlug teveel wordt. Hiervoor wordt Vallejo 822, Brown black, gebruikt. Nadien kunnen we beginnen met het aanbrengen van de roestplekken en aflopers. Hiervoor gebruiken we MIG’s light rust effect, verdund met wat thinner. Nadat dit gedroogd is kunnen we verder gaan met Mig’s standard rust effects, om wat meer kleurvariatie in te brengen in het roest. Dit wordt aangebracht op selectieve plaatsen. Ter hoogte van de beide uitlaten voorzien we wat roetvorming door MIG pigmenten te gebruiken, P023, black smoke, die we nadien vastzetten met pigment fixer.

Vervolgens kunnen we dan verder gaan met het grijze dek te spuiten, daarvoor gebruiken we Vallejo 994, dark grey die we daarna vermengen met Vallejo 815, basic skintone, in een verhouding van ongeveer 1 op 3. Bij het oplichten van het dek kleuren we enkel de middenzones in zodat een schaduweffect ontstaat in de hoeken en kanten. Na droging brengen we de kleuren samen met een wash van AK302 Naval wash, wash for grey decks. Enkel het dekoppervlak wordt gedaan, zodat de uitstekende details een ander tint heeft dan het dekoppervlak zelf. Vervolgens kunnen we een pinwash aanbrengen rond alle opstekende delen en details met MIG’s dark wash, verdund uiteraard. Dekdetails worden nadien opgelicht door het schilderen van de details door middel van Vallejo 991, dark seagrey, en Vallejo 989, sky grey, dit enkel voor de heel kleine detail die vervolgens nog meer in het oog moeten springen. Eveneens worden hier enkele chips geplaatst op plaatsen die logischer wijze frequent gebruikt worden en alzo onderhevig zijn aan slijtage. Hiervoor wordt Vallejo 822, Brown black, gebruikt. Nadien kunnen we beginnen met het aanbrengen van de roestplekken en aflopers. Hiervoor gebruiken we MIG’s light rust effect, verdund met wat thinner. De kabel achteraan het luikje die bestemd is voor het “achterlicht” schilderen we met Vallejo 926, red. De binnenkant van het lampje schilderen met Vallejo 997, silver waarover dan een laagje cristal klear komt die het glas moet voorstellen, dit na het vernissen van het model.

Voor de houten onderdelen op het dek gebruiken we dezelfde werkwijze zoals beschreven voor de houten dekvloeren in de kajuiten. Daarna brengen we op het hout nog een fijne wash aan met AK 301 Naval wash, dark wash for wood deck, aan. Eveneens brengen we hier nog een pinwash aan in de hoeken om wat schaduw te brengen. Na het aanbrengen wordt met een propere borstel bevochtigd met thinner deze wash wat opengewerkt. Om het afgesleten loopvlak wat meer te accentueren gebruiken we Vallejo 976, buff, die zeer sterk verdund wordt aangebracht.

De opbouwonderdelen worden vervolgens afgewerkt met dezelfde procedure zoals hierboven beschreven. Aan de zijkanten van de torenopbouw hangen een tweetal uitrustingsstukken die we vervolgens schilderen met Vallejo 995, german grey, alsook de helm die achteraan de torenopbouw hangt. Om die delen op te lichten gebruiken we een mengsel van Vallejo 964, field blue en Vallejo 990, light grey in een verhouding van 4 op 1. Na droging brengen we een filter aan van MIG, P240, blue for panzer grey. Om wat te schaduwen brengen we verdund van Vallejo 950, black, aan. Eveneens zijn er twee reddingboeien aanwezig aan de zijkant van de toren. Deze worden na eerst na een grondlaag voorzien van hun eerste basiskleur, zijnde Vallejo 918, Ivory. Daarna worden de twee zijkanten geschilderd met vallejo 957, flat red. Na droging komt een lichte wash van raw umber over de reddingboeien om deze daarna wat op te lichten met zuiver wit, Vallejo 951, white, dit sterk verdund. De koord wordt vervolgens geschilderd met Vallejo 921, english uniform. Om op te lichten met Vallejo 912, tan yellow en te ‘toppen’ met Vallejo 976, buff. Om af te lijnen gebruiken we MIG’s dark wash, verdund.

Aan de binnenzijde van de torenopbouw treffen we enkele accessoires aan zoals enkele tijdschriften uit de tijd van de Kriegsmarine, eveneens een pistooltas en een reserve verrekijker. De tijdschriften zijn een uitgave van Unicorn en fijn gedrukt, zeker voor deze schaal. De verrekijker zelf schilderen we met Vallejo 950, black. Het oplichten van de verrekijker doen we Vallejo 995, germen grey. De pistooltas schilderen we met een mengsel van Vallejo 950, black met Vallejo 941, burnt umber, dit met een verhouding van 2 op1. Het oplichten van de pistooltas doen we met zuivere Vallejo 941, burnt umber. Het voorste lichtje aan de bovenkant van de torenopbouw schilderen we aan de binnenzijde met Vallejo 997, silver, waarna na droging enkele kleine druppeltjes kristal clear wordt op aangebracht. Beide navigatielichten ,links en rechts gepositioneerd aan de zijkant van de toren, worden eveneens geschilderd in het basiskleur zoals al beschreven. Enkel aan de achterzijde van de glazen worden respectievelijk een rode, Vallejo 957, flat red voor links en een groene, Vallejo 970, deep green voor rechts, aangebracht. Aan de onderzijde van het glaswerk brengen we een laagje zilver aan met Hum 11.

Op de torpedolanceerders worden een tweetal technische decals aangebracht. Eveneens worden de hendels tot vuren geschilderd met Vallejo 999, copper. De bedieningsstangen voor de boegdeuren krijgen als basis Vallejo 950, black. Nadien worden ze gedrybrusht met Hum 53, gunmetal. Na het vernissen krijgen de stangen nog een potloodbehandeling die nadien lichtjes wordt opgewreven met een oorstokje. Op de meeste opbouwonderdelen worden enkele ‘chips’ geplaatst op logische plaatsen van gebruik die de slijtage van de verf weergeeft. Daarvoor gebruiken we Vallejo 822, black Brown. Een lichte wash met MIG’s light rust, geeft wat meer verouderd leven weer.

De afschermkap voor het boegkanon bestaat uit hout. Doordat deze meegespoten werd in de basiskleuren van de boot brengen wij hierop ’chips’ aan die verwijzen naar de houten ondergrond. Daarvoor gebruiken we Vallejo819, iraqui sand als basis die vervolgens wordt ingekleurd met Vallejo 821, german beige. De koord rond dit deksel schilderen we met vallejo 921, english uniform. Daarna een dark wash van MIG om vervolgens op te lichten met Vallejo 912, tan yellow en te ‘toppen’ met Vallejo 976, buff. De houten gedeelten van de enterstokken krijgen een basiskleur van Vallejo 948, golden yellow. Na droging gaat er raw umber olieverf over die men kort nadien terug afwrijft in die zin dat er een mooie houtstructuur achter blijft. De lederen riemen worden vervolgens geschilderd met Vallejo 950, black, als basiskleur. Oplichten voor de eerste keer gebeurt met Vallejo 941, burnt umber, in verhouding van 1 op 1 met de basiskleur, om nadien puur te gebruiken voor de tweede laag. Voor de derde maal lichten we op met Vallejo 941, burnt umber, met Vallejo 953, flat yellow, op een verhouding van 3 op 1. Het metalen gedeelte van de riemen schilderen we met Vallejo 864, natural steel. Een fijne dark wash van MIG wordt nog aangebracht om wat meer schaduw te verkrijgen.

Het eerste afdekzeil wordt geschilderd met Vallejo 873, US field drab en Vallejo 837,sand light om op te lichten, totdat pure sand light wordt gebruikt. Let op hiermee, dat dit sterk verdund wordt aangebracht. Schaduwen doen we met het mengsel van Vallejo 873, US field drab met Vallejo 822, black brown, dit eveneens sterk verdund. Het tweede zeil op de kast op het achterdek, schilderen we met Vallejo 874, US tan earth. Om op te lichten en te schaduwen gebruiken we dezelfde mengsels als hierboven beschreven. Een derde zeil wordt vervolgens geschilderd met Vallejo 925, intense blue. Oplichten doen we met Vallejo 918, Ivory, schaduwen met eerst een mengsel van Vallejo 925 met Vallejo 899, dark prussian blue ( 1/1) en daarna met pure Vallejo 899. De rest van de opbouwstukken voor het voor- , midden- , en achterdek worden geschilderd en afgewerkt zoals hierboven beschreven.

De op het voordek staande buis voor de reserveloop van het 20 mm kanon wordt vervolgens geschilderd met Vallejo 995, German grey (panzergrey) om vervolgens op te lichten met een mengsel van Vallejo 994, dark grey met Vallejo 989, sky grey op een verhouding van 1/ 1. Na droging brengen we een filter aan van MIG, P240, blue for panzer grey. Schaduwen doen we met een dark wash van MIG. Kleine chips worden gezet met Vallejo 992, neutral grey en daarna ingekleurd met Vallejo 822, black brown. De reddingvlotten worden gespoten met Vallejo 890, reflective green om vervolgens opgelicht te worden met een mengsel van Vallejo 890 met Vallejo 85, ice yellow, dit in verhouding van 3/1. De ringen rondom de vlotten schilderen we Vallejo 999, copper, de touwen zelf krijgen dezelfde behandeling als hierboven al beschreven. De houten onderdelen schilderen we met Vallejo 948, golden yellow. Een fijne dark wash van MIG wordt in de nerven verwerkt. Voor het oplichten van de houten vloer gebruiken we een mengsel van Vallejo 948, golden yellow met Vallejo 918, Ivory, dit op een verhouding van 3 op 1. Het vlot zelf geven we een filter / pinwash met MIG’s brown wash.

De losse munitie van het achterste 37 mm kanon schilderen we met Vallejo 999, copper, dit voor de hulzen, de koppen van de patronen en de gebogen lader, schilderen met Vallejo 950, black. De lader krijgt nog een drybrush behandeling met Hum 53, gunmetal. De kanonnen, of toch hun basis krijgen dezelfde behandeling zoals het schip zelf, enkel de lopen van de kanonnen schilderen we met Vallejo 950, black om nadien een drybrush te geven met Hum 53, gunmetal. Na het vernissen krijgen de metalen onderdelen en de delen die gevoelig zijn aan slijtage een lichte behandeling met het carisma-potlood.

De vaargeulmarkeerder en het vlagje schilderen we eerst met een grondverfje van Vallejo air. Nadien schilderen we het geheel in Vallejo 957, flat red, die nadien een laagje klir krijgt opgebracht. Na droging wordt het lichaam van de boei handgeschilderd met witte markeerstroken, Vallejo 918, Ivory. Een filter van raw umber olieverf wordt over de boei gelegd om de kleuren samen te laten vloeien. Het koord aan de boei schilderen we zoals de touwen, hierboven al beschreven. De verzwaarde ankervoet en het vlaggenstokje schilderen we met Vallejo 992, neutral grey, die nadien wat gewasht wordt met AK 303 Naval wash, grey wash for kriegsmarine. De chips op de metalen onderdelen van de boei en de ankervoet worden geschilderd met Vallejo 822, black brown, nadien gewasht met MIG’s light rust. Kleine details zoals de emmers schilderen we met Vallejo 992, neutral grey, oplichten doen we met Vallejo 990, light grey. Schaduwen doen we met Vallejo 994, dark grey, sterk verdund. De beveiligingskettingen worden vervolgens geschilderd met Vallejo grondverf, daarna met Vallejo 9993, white grey en afgewerkt zoals het schip zelf. Enkel wat meer beschadigingen in de vorm van roestplekken worden er aangebracht, ook aan de railing, dit door het veelvuldig gebruik ervan.

Figurines:

- Een staande figurine uit onze sparebox wordt chirurgisch omgebouwd zodat hij de stuurman van dienst kan worden. Enkel de armen worden verbouwd zodat deze logischer lijken voor zijn taak. De armen worden daarbij opgevuld met green stuff die vervolgens gemodelleerd wordt in zijn huidige plooien. Na droging krijgt onze figurine zijn grondlaag met Vallejo grondverf. Eerst schilderen we de huidskleuren, hiervoor gebruiken we Vallejo 876, Brown sand als basiskleur, om op te lichten gebruiken we Vallejo 815, basic skin tone. Schaduwen doen we met Vallejo 814, cadmium umber red waarna Vallejo 859, cadmium maroon voor 100 % gebruikt wordt. De haren worden geschilderd met Vallejo 977, desert yellow. Volgens onze documentatie hebben navy personeelsleden een zeer donker blauw uniform. Daarvoor gebruiken we Vallejo 899, dark prussian blue gemengd met Vallejo 950, black in de verhoudingen van 4 op 1. Voor het oplichten van het uniform gebruiken we vallejo 899, dark prussian blue, sterk verdund, om vervolgens via de intensiteit van de opgelegde washes de oplichting te bekomen. Schaduwen doen we met Vallejo 950, black. Voor de schoenen gebruiken we gewoon Vallejo 950, black. Voor het zwemvest gebruiken we Vallejo 921, english uniform. Voor het oplichten van de zwemvest gebruiken we Vallejo 858, ice yellow. Voor het seinvuurwerk aan de beide laarzen van de stuurman gebruiken we Vallejo 883, silvergrey, het riempje schilderen we met Vallejo 988, khaki.

In de toren staan vervolgens twee bemanningsleden, zijnde de kapitein en zijn tweede officier. Beiden zijn resin figuren die we eerst deftig opkuisen om vervolgens een fijne grondlaag erop aan te brengen. Hierbij wordt eens een nieuwe methode voor huidkleuren te schilderen, toegepast. Basiskleur wordt uiteraard, Vallejo 876, Brown sand. Nadien wordt een eerste highlight toegepast met Vallejo 876, Brown sand, met Vallejo 955, flat flesh, dit in verhouding 1 op 1 (zeker voor 1/72 figuren). Nadien volgt een tweede highlight met vallejo 955, flat flesh, met Vallejo 928, light flesh, eveneens op verhouding 1 op 1. Nadien volgt een derde highlight met pure Vallejo 928, light flesh, maar sterk verdund en enkel als afwerking. Schaduwen doen we met Vallejo 876, Brown sand, met vallejo 941, burnt umber, ook met verhouding 1 op 1. Nadien volgt een tweede schaduw met pure Vallejo 822, Brown black. De omgeving rond de baard wordt vervolgens geschilderd met Vallejo 899, dark prussian blue. Nadien wordt de baard zelf geschilderd met Vallejo 992, neutral grey. De eerste oplichting gebeurt met Vallejo 990, light grey, de tweede oplichting met vallejo 993, white grey. De derde oplichting is met Vallejo 951, white. Schaduwen doen we met zeer sterk verdunde Vallejo 862, black grey. De hemden van de beide personen als ook het petje schilderen als basis Vallejo 993, white grey, die nadien opgelicht wordt met Vallejo 951, white. Schaduwen doen we met Vallejo 990, light grey. Het uniform van de twee personen schilderen als basis Vallejo 899, dark prussian blue met Vallejo 950, black, in een verhouding van 1 op 1. Daarna kunnen we de uniformen voor de eerste maal oplichten met Vallejo 899, dark prussian blue, puur. Voor de tweede oplichting gebruiken we een mengsel van Vallejo 899, dark prussian blue, met Vallejo 918, ivory, dit met een verhouding van 1 op 1. Voor de derde oplichting gebruiken we hetzelfde mengsel doch nu met verhouding van 1 op 2, dit enkel voor de gedeelten die het meeste licht opvangen en voor de randen af te lijnen. Schaduwen doen we met Vallejo 950, black. Voor de knopen op de vesten schilderen we deze met Vallejo 996, gold. De commandantstrepen schilderen we met Vallejo 953, flat yellow. De broek van de tweede commandant schilderen we met Vallejo 866, greengrey. Oplichten doen we met Vallejo 815, basic skintone. Schaduwen met vallejo 822, black Brown. De onderdelen van het uniform die zwart zijn, schoenen, dassen,.., schilderen we met Vallejo 950, black, als basiskleur. Oplichten doen we met een mengsel van Vallejo 950, black, en Vallejo 944, old rose, dit op verhouding 1 op 1 voor de eerste laag en 1 op 2 voor de tweede oplichtlaag. Het lintje van het ijzeren kruis tweede klasse wordt geschilderd met Vallejo 951, white, waar daarna een fijn lijntje van Vallejo 957, flat red, doorgaat.

De rest van de figurines worden hetzelfde geschilderd als de mannen in de toren, toch zeker van de huidskleuren. Om verschillende haarkleuren te simuleren gebruiken we hierbij eveneens verschillende basiskleuren. Om blonde haren te simuleren gebruiken Vallejo 977, desert yellow, die we vervolgens oplichten met Vallejo 837, sand light en waarbij we vallejo 822, blackbrown gebruiken om te schaduwen. Om vervolgens bruine haren te simuleren gebruiken we Vallejo 983, flat earth die we vervolgens oplichten met Vallejo 837, sand light en om te schaduwen Vallejo 822, blackbrown gebruiken. - De eerste gunner heeft een pull aan die we eerst met Vallejo 950, black als basiskleur geven. Nadien wordt de pull gebrusht (iets natter dan drybrushen) met Vallejo 994, dark grey en daarna met Vallejo 992, neutral grey. De vest en het petje van deze gunner schilderen we met Vallejo 920, german uniform. Oplichten doen we met Vallejo 815, basic skintone en schaduwen met Vallejo 822, blackbrown. De broek schilderen we met Vallejo 866, greengrey, die we vervolgens oplichten met Vallejo 815, basic skintone en schaduwen met Vallejo 822, blackbrown. Zijn bovenvest schilderen we met Vallejo 950, black als basiskleur. Het oplichten wordt voor de eerste keer gedaan met Vallejo 941, burnt umber, in verhouding van 1 op 1 met de basiskleur, om nadien puur te gebruiken voor de tweede laag. Voor de derde maal lichten we op met Vallejo 941, burnt umber, met Vallejo 953, flat yellow, op een verhouding van 3 op 1. De schoenen schilderen we met Vallejo 950, black als basis. Oplichten doen we met Valejo 950, black met Vallejo 871, Leather Brown (1/1), vervolgens oplichten met Vallejo 871 Leather Brown, en dan Vallejo 876 Brown Sand. Shaduwen doen we mert Vallejo 950, black. - De tweede gunner met de pijp zijn broek en de pet schilderen we eveneens met Vallejo 866, greengrey. De vest en de schoenen van de tweede gunner krijgt eveneens dezelfde behandeling als de eerste gunner zijn schoenen. - De derde gunner zijn vest wordt eveneens geschilderd met Vallejo 920, german uniform en behandeld zoals de eerste gunner zijn vest. Tevens wordt de broek van onze man geschilderd met Vallejo 866, greengrey, met dezelfde behandeling zoals hierboven beschreven. De helm schilderen we met Vallejo 95, german grey. De reddingsvest van deze persoon schilderen we basis Vallejo 921, english uniform. Oplichten doen we met Vallejo 858, ice yellow en schaduwen met Vallejo 822, blackbrown. - Op het achterdek staat een dekofficier. De pet en de broek schilderen we marineblauw. Daarvoor gebruiken we Vallejo 822, dark prussian blue en Vallejo 950, black, in verhouding van 1/1. Daarna kunnen we de uniformen voor de eerste maal oplichten met Vallejo 899, dark prussian blue, puur. Voor de tweede oplichting gebruiken we een mengsel van Vallejo 899, dark prussian blue, met Vallejo 918, ivory, dit met een verhouding van 1 op 1. Voor de derde oplichting gebruiken we hetzelfde mengsel doch nu met verhouding van 1 op 2, dit enkel voor de gedeelten die het meeste licht opvangen en voor de randen af te lijnen. Schaduwen doen we met Vallejo 950, black. Voor de knopen of symbolen op de petten schilderen we deze met Vallejo 996, gold. Zijn lange mantel schilderen we met Vallejo 992, neutral grey, dit als basis. De eerste oplichting hiervan is met Vallejo 990, light grey, een tweede oplichting met Vallejo 993, white grey. De eerste schaduw doen we met Vallejo 994, dark grey, de tweede schaduw met Vallejo 862, black grey, dit voor de diepere delen. - De tweede persoon op het achterdek zijn petje wordt eveneens geschilderd met Vallejo 822, dark prussian blue en Vallejo 950, black, in verhouding van 1/1. De rest is als volgt hierboven beschreven. De vest van de persoon schilderen we met Vallejo 880, khaki grey, als basiskleur. Oplichten doen we met Vallejo 837, sand light in verschillende verhoudingen (2/1 – 1/1 – 1/2). Schaduwen doen we met Vallejo 822, blackbrown, eveneens in deze verhoudingen. - De onderofficier op het kraainest kijkt de omgeving na. Zijn petje wordt eveneens geschilderd met Vallejo 822, dark prussian blue en Vallejo 950, black, in verhouding van 1/1. De rest is als volgt hierboven beschreven. De vest van de onderofficier wordt hetzelfde geschilderd als de tweede man op het achterdek met Vallejo 880, khaki grey. De broek schilderen we met Vallejo 866, greengrey. De hoge laarzen schilderen basis met Vallejo 950, black, waarop we dan verder afwerken zoals de gewone schoenen. De lederen verrekijkertas schilderen eveneens basis Vallejo 950, black, maar werken we af met Vallejo 941, burnt umber en Vallejo 953, flat yellow. Nadien worden alle figurines gespoten met matte vernis. Na droging worden enkel de lederen onderdelen voorzien van een satijnvernis zodat dit lichtjes contrasteert tegenover de mattere onderdelen.

Bouw van het diorama:

Voor de uitbouw van het diorama gebruiken we terug onze befaamde isolatieplaat met een dikte van 4 cm. Het geheel van de isolatieplaat meet 50 cm op 16 cm alwaar het schip in diagonale lijn ligt. Hierin wordt het schip uitgesneden zodat het voor een kwart verzonken zit in de isolateplaat. Echter dient men de uitbouw voor het diorama te verhogen zodat een replica van een kenteken van de snellboot-bemanning, Das Schnellbootkriegsabzeichen, kan geplaatst worden. De totale hoogte bedraagt nu 7 cm. De zijkanten van het diorama worden afgewerkt met balsahout van 4 mm dikte, dit voor de stevigheid. Nadien zal dit geschilderd worden met een donkerbruine meubelbeits. Aan de binnenkant van het balsahout wordt vervolgens een dikke laag houtlijm opgeschilderd om een ondoordringbare laag te creëren om nadien met het ‘modelwater’ verder te kunnen werken. Dit wordt gedaan omdat anders het balsahout te vlug het water in de pasta, van het modelwater, optrekt en daardoor teveel gaat barsten. Het ‘water’ zelf wordt vervaardigd uit een mengsel van pollyfila vulmiddel en de basisverf, zijnde Vallejo 867, dark bluegrey en Vallejo 950, black, in verhouding 2/3 en 1/3. Het gemodelleerde water dient in verschillende lagen opgebracht te worden waarbij de laatste laag de basis vormt voor de golven. Na droging wordt vervolgens het geheel nogmaals geschilderd met de bovenvermelde kleuren. Daarna brengen we in de vlakke delen met Vallejo 868, dark seagreen, het groene effect aan in het zeewater die de diepte uiteraard meer versterkt. Dit kleur kan aangebracht worden met de vrije hand op de meeste vlakke plaatsen en in de ‘vlucht’ de golven mee te toppen. Daarna gebruiken we Vallejo 964, field blue, om de golven al wat te accentueren. Deze wordt enkel op en rond de golven aangebracht. Nadien kunnen we met Vallejo 962, flat blue, en dit sterk verdund, brushen op de toppen van de golven zelf. Na een grondige droging van het geheel kunnen we beginnen met een ondoordringbare laag te leggen van Klir. Dit mag grof en veelvuldig met de borstel aangebracht worden. Daarna, na droging en plaatsing van het schip in de witte houtlijm, kunnen we beginnen met het aanbrengen van de verschillende laagjes Stil Watereffect van Vallejo. Dit aanbrengen doen we in verschillende laagjes tot tegen de romp van het schip zodat het lijkt alsof het schip in het water ligt. Nadat dit gedroogd is kunnen we met witte olieverf en met verschillende intensiteiten de schuimkoppen drybrushen op de golven. Eveneens brengen we in de uitlaat van de koelwaterbuizen, een waterstraal aan met fijne glasvezelkabel die tevens ingeboord wordt in het water zodat deze goed blijf zitten in een natuurlijke houding, lijmen doen we met secondelijm. Na droging wordt langs de glasvezelkabels een beetje stil watereffect aangebracht met een tandenstoker, nadien wat bijgewerkt ter hoogte van het ‘neerplonzen’ van de straal in het water. Ook dit wordt vervolgens nog wat voorzien van schuimvorming met witte olieverf.

Het diorama zelf stelt een uitvarend schip voor welke juist uit de haven enkele uiterste meerpalen voorbij vaart. De meerpalen bestaan uit een drietal ‘bomen’ die in het water werden geplaatst. Om deze ‘bomen’ te maken, gebruiken we voor elke boom een viertal sprue-restjes van ongeveer gelijke lengte. Er dient voor gezorgd te worden dat elk van deze meerpalen geen gelijke stukken zijn daar dit meer het dynamisme verhoogt op het diorama en er tevens voor zorgt dat achter het eigenlijke model een deel iets hoger staat, wat ten goede komt om als achtergrond te dienen. Nadat de sprue’s aan elkaar zijn gelijmd en gedroogd zijn, bekleed men deze met fijne miliput (witte uitvoering) zodat men nadien er de houtnerven kan in sculpteren. Overschotjes van miliput worden gebruikt om enkele doeken te maken die op het schip aanwezig zijn. Nadat de meerpalen gedroogd zijn worden zij voorzien van hun basiskleur, Vallejo 822, black brown. Het schilderen gebeurt in de richting van de ‘houtnerven’ zodat deze eveneens al goed verdonkerd worden, wat als eerste schaduw kan dienen. Nadien brengt men langs de verschillende nerven al een eerste oplichting aan met Vallejo 872, chocolade Brown. Na droging zorgt men voor een tweede oplichting langs de nerven en bij de meer ‘beschadigde delen’ van de meerpaal, met Vallejo 874, US tan earth. Daarop worden de naden en nerven nog meer opgelicht aan hun zijkanten met Vallejo 907, pale greyblue, zodat een sterk verouderd effect ontstaat. Om daarna de zijkanten van de diepere groeven en nerven nog eens op te lichten met Vallejo 883, silvergrey. Inlijnen om te schaduwen doen we met MIG’s dark wash die verdund wordt. Dit brengen we grof aan met een borstel en nadat het wat heeft gedroogd wordt met een platte borstel tegenrichting afgewreven zodat de wash in de donkere gedeelten, de nerven, blijft liggen. Aan de onderzijde van de meerpalen komt zeewier die daar normaal zit. Daarvoor gebruiken we Woodland Senic, coarse turf dark green T65, die we in een bedje van houtlijm leggen. Na droging brengen we nogmaals verdunde houtlijm aan om het geheel te versterken. Nadat dit gedroogd is kunnen we beginnen met het schilderen en verweren van het zeewier. Hiervoor gebruiken we als basis Vallejo 980, blackgreen. Nadien drybrushen we met olieverf sap green gemengd met raw umber, het zeewier. Hetzelfde mengsel gebruiken we ook op de meerpalen. Let erop dat men iets meer boven het zeewier begint met de drybrush daar het eigenlijk een simulering van algenafzetting is die op de meerpalen ontstaat door het zeewater. Een lichte behandeling met moss green wash van MIG volgt als kleurschakering. Nadat de meerpalen zijn geplaatst in het diorama kunnen we een touw aanbrengen rondom de meerpalen die hen samenhoudt. Het touw wordt eerst vastgezet met secondelijm en daarna ingewreven met houtlijm. Na droging schilderen we het touw met Vallejo 921, english uniform, dit als basiskleur. Daarop brengen we een dark wash van MIG aan. Vervolgens kunnen we het touw schilderen met Vallejo 912, tan yellow, dit zeer sterk verdund. Daar waar de meeuwen neerstrijken wordt er natuurlijk uitwerpselen achtergelaten. Dit simuleren we door gebruik van Vallejo 951, white, om deze te reproduceren. Na volledige droging brengen we onderaan de meerpalen wat ‘wet effects’ aan van MIG Productions.

Op de grootste meerpaal wordt een meeuw geplaatst zodat er wat meer leven in het geheel komt. De meeuw zelf is een klein resinestukje die word voorzien van ‘poten’ bestaande uit koperdraad. Om de staart van de vogel wat realistischer te maken wordt deze verlengd met verdunde miliput van Vallejo, eveneens worden de vleugels wat bijgewerkt. Daarna kunnen we de meeuw in zijn grondlaag zetten, daarvoor gebruiken we Vallejo primer. Na droging beginnen we de meeuw te schilderen met Vallejo 951, white, als basiskleur. Daar de zilvermeeuw het meeste voorkomt aan onze kust nemen we uiteraard deze vogel op in ons diorama. De rug van de meeuw wordt eerst geschilderd met Vallejo 989, sky grey, als basiskleur van de rug en de vleugels. Hierbij gebruiken we de intensiteit van de verf om kleurschakeringen te bekomen. Nadien wordt het grijs wat meer verdonkerd naar de vleugelranden en de rug toe. Hiervoor gebruiken we Vallejo 992, neutral grey, met een sterke verdunning om met de kleurintensiteit een mooie schakering in het grijs te bekomen. Vleugeluiteinden worden voorzien van een heel klein streepje zwart met Vallejo 950, black. De snavel en de poten van de meeuw worden voorzien van hun typische gele kleur waarvoor Vallejo 953, flat yellow voldoet. Onder de snavel wordt een klein rood puntje gezet wat voorkomt bij de zilvermeeuw, hiervoor gebruiken Vallejo 926, red. Na volledige droging brengen we juist een lichte wash aan van raw umber om wat schaduw te accentueren. Een matte vernis beschermt het geheel.


 

Agenda

Update Events - Update artikels